Posts tonen met het label samen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label samen. Alle posts tonen

zaterdag 20 augustus 2016

Koyaanisqatsi: Patroonherkenning (Jaïr Tchong & Marie Meeusen)

Still uit Koyaanisqatsi (criterionforum.org) 
Een cultfilm uit 1982 in 2016 zien levert onherroepelijk vormen van onbehagen op, variërend van overkomelijk tot ernstig. Reputatie en verwachting gaan vooraf aan ieder kunstwerk, en bij een cultfilm misschien nog wel meer dan gewoonlijk al het geval is. Koud twintig minuten in Koyaanisqatsi valt me ineens een zekere mate van demagogiek op die in de jaren zestig, zeventig en tachtig couranter moet zijn geweest dan nu. Associatie: De Club van Rome en de angst die dat rapport de westerse wereld een sensibiliteit en een politiek fundament gaf. In sneltreinvaart op naar de ecologische apocalypse - uw tijd is over, aardbewoner.

Ook al zei je ‘ik wacht hier op je’ bij de ingang die voor mannen bedoeld was en ontsteeg je met die particuliere zin het ritme van het universeel dwangmatige, het bleef beklemmend om na afloop de vrouwentoiletten te zoeken. Op mijn netvlies stond de aftiteling. Het netjes gestroomlijnde leek niet meer dan wat uiteindelijk als een stofwolk op de aarde neerdaalt – Hopi’s hebben gelijk.

Koyaanisqatsi: prachtige beelden van destructie, in een genadeloos retorische montage die de kijker klem wil zetten in wat welbeschouwd een particuliere overtuiging moet heten: de mens is voor de aarde een kankergezwel. Maar de pretentie van tijdloos meesterwerk die filmer en componist moet hebben gemotiveerd wordt onderuitgehaald door zowel de alomtegenwoordige, in zijn futurisme verouderde synthesizerklank, als de beelden van de grootstadsbewoners - van funky soulbroek tot kantoorklerkkostuum, een en ander volgens de mode van 1982.

Ook al liep ik tegen de stroom in, ik stevende af op een hokje, in een blok, in een stad, vlakbij een metrostation waar ov-chipkaarten ons allen leesbaar maken – in Rome was het vorige week nog net zoals in de beelden uit 1982: het kaartje verdwijnt in de metalen gleuf en komt er een paar decimeters verder schijnbaar ongewijzigd uit, terwijl de deuren zich openen. Kunnen we weigeren? Hoe klinkt die weigering, hoe ruikt ze, hoe blijft ze liefdevol?

Afgezien deze reserves: wat zegt Koyaanisqatsi ons? Toen de aanvankelijke irritatie was verdwenen ('is dit National Geographic gone bad, met een pretentieuze componist aan boord?' riep het interne koor), en vooral na de versnelde delen met de bijbehorende, hoogst effectieve klankagitatie, kwam ik opnieuw onder de bekoring van dit rondtollend stuk wereldleed op film.

Ook al spraken we af om niet te praten over wat we gezien hadden, toen je vertelde dat je je Facebookaccount had opgeheven omdat de blauwwitte mal elk geheim vernietigt, zelfs dat van grote kunstenaars, leken we toch niet te zwijgen. ‘Allemaal hetzelfde, we zijn eenheidsworst,’ hoorde ik een man zeggen. Je zei: ‘We moeten onze oren sluiten voor wat ze zeggen’. Vinden we daarin het geheim terug, in die ontluistering?

Ineens doemt er binnen dit hermetisch uurwerk iets op wat me voorkomt als een vorm van humanisme. Na alle soms kinderlijk overdreven patroonherhaling geeft de filmer ineens volop ruimte aan de paradijsvogel, aan het individu, aan de afwijking van de norm. Aan de mens, de tragische mens, gevangen als hij is in collectieve patronen die zijn soort onherroepelijk van de kaart zullen vegen. Als een 'ghost in the machine' lijkt de stelling van deze film te ontsporen.

Ook al kan ik over de muziek niets zinnigs zeggen, toch vraag ik me af wat het verband is tussen Ludovico Einaudi die zijn piano bespeelt op een smeltende ijskap en Philip Glass die zijn soundtrack bij Godfrey Reggio's film vierendertig jaar na verschijnen live in metropolen speelt. De urgentie die eraan ten grondslag ligt, is waarschijnlijk dezelfde, maar over doeltreffendheid kan ik net zomin iets zinnigs zeggen.

Na deze tour de force was het ditmaal de eindaftiteling die mij de genadeslag gaf: de eindetijdsvoorspelling van de Hopi-indianenstam waaraan Koyaanisqatsi zijn titel ontleent. Als onze tijd over is, dan zal de aarde bedekt zijn met zwart spinrag.

Ook al voel ik weerstand, toch vraag ik me hoopvol af of we niet allen anders afgepeigerd, kwaadaardig en geprogrammeerd zijn? Kunnen we particulier zijn, bijvoorbeeld door tegen massa’s in te verdwalen en te zeggen ‘ik wacht hier op je’? Ogenschijnlijk steeds opnieuw uitgesproken, maar telkens met een ander timbre. Wanneer volstaan we? We zijn wolken. Wolken zijn water, wolken zijn vuur, wolken zijn stof.

Koyaanisqatsi door Philip Glass Ensemble. 19 augustus 2016, HMH, Amsterdam.
Deze blogpost is een samenwerking met Jaïr Tchong.

woensdag 25 maart 2015

Rethink HvA en fonkelende ogen




Toen ik vanochtend de wifi op mijn telefoon aanzette, stroomde dezelfde foto meteen een paar keer binnen. Mijn naam was blijkbaar één van de drie namen die onder het kopje ‘Rethink HvA’ vermeld werden in Folia, het blad van de Hogeschool en de Universiteit van Amsterdam. Pieter – ook Belg - en Gerlof, beiden collega’s in de medezeggenschapsraden, omringden me. Welbespraakte vlegels met een hart voor onderwijs en een brede blik op de wereld, het gezelschap was dus niet het probleem van de gedeelde stempel. Al is het natuurlijk een gemiste kans dat Rethink HvA niet geïntroduceerd werd als een diverse club medewerkers én studenten, die zowel offline als online een open, inhoudelijke dialoog houden over het hbo-onderwijs (en -bestuur) van de toekomst. Dat het forum op één weekend door een student uit de grond gestampt werd, is veelzeggender dan drie namen van medewerkers bij elkaar. Maar de ‘revolutie’ moet blijkbaar namen krijgen, nog voor ze tijd krijgt haar draagvlak en taal te vinden, of zelfs haar bestaansrecht breed kan polsen. De 'branding' gebeurt voor de ‘temperaturecheck’.

Ik voelde weerstand bij de stempel omdat ik meteen mijn naam door de ogen van mijn eigen bazen zag. Daar was Marie weer, de opstandige rebel, outcast en verzetsmadam die haar gevechten niet goed weet te kiezen. Eén derde van de papieren outing van ‘Rethink Hva’. De visie? Ach…  de rol is duidelijk, het kamp: dat van de tegenstander. Zucht. Sta mij, voor ik verder ga, één tegenwerping toe. Meer dan rebel ben ik dwars(verband)denker en samenwerker. En daarna één generalisatie: Nederland houdt nog meer dan mijn vaderland van vorm, kaders, duidelijke rolverdelingen. Dit doorgeslagen Verlichtingsdenken merk je overal en zorgt voor apolitieke kroeggesprekken, voor een voorzichtig publiek debat waarin het gros van de meningsverschillen beleefd wordt gemedieerd. Ook de openbare ruimte, de fysieke uiting van het poldermodel, is tot in het hygiënische en uiterst voorzichtig geneutraliseerd. Je neemt in deze ruimte best niet te veel rollen aan, want dat maakt het stempelen zo complex. Herinvoering van intuïtie en ander onbenoembaars, het voelt soms als roepen in een kurkdroge woestijn, maar het is nodig. Is het gek dat ik mijn hartje al meermaals ophaalde aan het Maagdenhuis en daar aan de lippen hing van denkers als Joris Luyendijk? Is het gek dat ik nu pas de wervelende hoofdstad uit mijn jeugddromen herken? Dat ik de brandende noodzaak voel om onderwijs samen te zien als iets wat ver voorbij rationele kaders gebeurt?

Weg met strakke rolverdelingen. Ook bij onderwijs geldt: vernieuwing vind je voorbij het hokjesdenken. Bovendien eist deze kantelende wereld dat je veel rollen aan kán nemen. Sterker: ik geloof dat hoger onderwijs moet voorbereiden op multidisciplinaire samenwerking in een – in grote mate onvoorspelbaar – beroepenveld, dat je daarover moet nadenken als je onderwijs vormgeeft. Dat deze flexibele houding niet per se betekent dat je te veel petten draagt. Ik geloof dat (mede)zeggenschap in het onderwijs een nieuwe adem krijgt door initiatieven als De Nieuwe Universiteit en Rethink HvA, dat deze allianties elkaar niet ondermijnen, maar ondersteunen. Dat deze ‘blending world’ bovendien niet enkel uitnodigt tot ‘blended learning’, maar ook tot open vizier, kruisbestuivingen, hybride identiteiten en diverse communicatiekanalen.

Ik vervul met enthousiasme mijn taak als lid van de domeinraad. In die raad ben ik inderdaad vaak de brutale Belg. Maar natuurlijk prikken ook mijn ogen van ontroering als ik in de Duitse natuur aan het kampvuur gesprekken voer met studenten. Ik geloof in de mogelijkheden van MOOC’s, maar ook in socratische gesprekken, in de eeuwenoude kracht van verhalen. In visie, in het beste van twee of meerdere werelden. Ik geef nu elf jaar les en noem die lessen het meest geslaagd als ze niet enkel mijn studenten, maar ook mij uit de comfortzone halen. Af en toe val ik bijna in slaap van mijn eigen lessen: wanneer ik nog eens hetzelfde verhaal herkauw. Om deze langdradigheid te beperken, kruip ik morgen in de huid van interviewer en vraag ik collega Daniel van Middelkoop honderduit over zijn visie op rendementsdenken in het HBO. Vraag de aanwezigen nadien wat je met open gesprekken over onderwijs kan doen, terwijl in een ander deel van de stad dezelfde vraag op een andere manier wordt ingestoken. Misschien klinkt het antwoord wel even veelzijdig als wanneer je een kind vraagt wat het met paperclips kan doen. Veelzijdig en verfrissend dus.

Vorige week belandde ik in een brainstorm met jonge medewerkers van de UvA en HvA. Ook Huib de Jong, eindbaas bij de HvA, nam deel. Hij sprak in een kring over grensoverschrijdende samenwerking. De stoelen waarop we zaten waren even hoog. Een andere bestuurder boog zich over een flipovervel toen we bij een pizzapunt, los van formele rollen die we gewoontegetrouw aannemen (hij die van bestuurder, ik die van brutale Belg) nadachten over creativiteit in het onderwijs. Onze ogen fonkelden. Natuurlijk betekent deze alinea niet dat ik het altijd met bestuurders eens ben. Maar ik probeer de zachte blik te houden, een hoofd te hebben dat ook het onmogelijke voor mogelijk houdt. Ik weet: bevlogenheid vind je niet in logo’s, maar in visie. Niet in mantra’s, maar in de idealen waarmee deze mantra’s gezongen worden. Verbinding vind je in de mens, niet in de cijfers. De mens vind je voorbij de rol die het meest vertrouwd is.

Rethink HvA? Zeven stellingen tot nu toe. Vertrekpunten voor een brede discussie. Misschien vindt een of andere rebel wel dat het er acht moeten zijn. Of zes. Misschien is die rebel wel een bestuurder. Of een minister de rebel. Afspraak aan het kampvuur? Dit verhaal is niet af. Het is meer dan mijn verhaal. Of dat van Rethink HvA.



woensdag 30 april 2014

Cultfest 2014, het ego en pi/chi-energie in een woordenweb


Cultfest is een ondergronds festival dat van 6 tot 8 juni in de werfkelders van de Utrechtse binnenstad wordt gehouden. In de zonovergoten ‘Waanzin-editie’ van vorig jaar trad ik er met mijn alterego Andreas Yperman op. Ik las voor wat de snoodaard die lente in de Doos van Andreas plaatste, maar vooral de pittige discussie nadien maakte dit optreden ‘Cultfest-waardig’. Want Cultfest daagt het publiek uit, laat je meespelen, Cultfest verrast en verontrust. Cultfest trekt het pluchen kussen onder je kont vandaan. 

Dit jaar ben ik opnieuw gevraagd. Ik was in eerste instantie niet blij met het thema ‘ego’. Ego is stom, dacht ik. Het was waarschijnlijk mijn ego dat sprak. 

Toch zegde ik toe en bezocht een van de vier voorafgaande Cultlabs, waarin programmamakers hun ideeën voor juni in het samen- en tegenlicht plaatsen. Ik luisterde onder andere naar de plannen voor een filmprogramma. Films als ‘The Diving Bell and The Butterfly’, ‘Mar adentro’ en andere alternatieve klassiekers over gevangen zitten in je lichaam kwamen voorbij. Ik stak mijn hand op. Waarom sla je het publiek niet in de boeien om het te laten ervaren wat het betekent om zinloos vastgeketend te zijn? Het idee golfde door de ruimte. Benieuwd hoe het er in juni uitziet.

Je pense donc je suis. Zelfs bij de minst verlichte geest doet deze filosofische monsterhit een belletje rinkelen. Als René Descartes geweten zou hebben hoe zijn uitspraak eeuwen later nog altijd gebruikt wordt om op rationele wijze een heel irrationeel wereldbeeld mee te onderbouwen, zou hij er dan ‘Je sense donc je suis’ van hebben gemaakt? Of voorvoelde hij helemaal niks?

Ego is het ‘ik’, ego is eigen, ego is vreemd en bovenal o zo belangrijk. We plaatsen het graag tegenover de ziel en gaan liever uit van tegenstellingen dan van eenheid. We vinden ego stom, maar laten het toch vaak het hoogste woord voeren. Ons ego is groot en krachtig, ons ego heeft meer sexappeal dan de ziel.  En toch is het niet vrijer. Het ego is wat ons omlijnt en dus ook waar we tegenaan botsen, de ziel is wat uit ons vloeit. De ziel voel je in golven, het ego in grenzen. Het is… maar het ego wil zijn. Het ego wil weten en benoemen.

Ik daag mijn ego sinds september wekelijks een uurtje uit. Ik speel ermee, ik laat me erdoor verrassen en verontrusten. Ik trek het pluchen kussen onder zijn kont vandaan, noem het een rotvent, steek mijn tong naar mijn ego uit en voel hoe het die tong wordt. Ik brul en voel mijn buik. Ik voel. Het is. In een wekelijkse tai chi chi kung les bij Pi-energy.


Daarom gaan we op zaterdag 7 juni samenwerken, Pien en ik. We zorgen samen voor de chi, ik zorg voor het woordenweb, zij voor de spiegelbewegingen. Jullie gaan dansen met het ego, een steekspel spelen en voelen waar het ego stokt. Of het naar je kruin wil klimmen en daar gedachten wil zijn of in de grond wil wortelen. Misschien wil het liefde worden en huilen. Of godgeklaagd sexy zijn en in je onderlip bijten. We hopen jullie te mogen ontmoeten. Mijn ego hoopt het ook.

zondag 19 juli 2009

Poëziebenefietje


De Gentse Feesten zijn begonnen. Ik mocht gisteren aftrappen bij de Wolven van la Mancha. Over m'n eigen optreden heb ik behoorlijk wat reserves, maar wat naar mijn gevoel best geslaagd was, was het ter plekke verzonnen poëziebenefietje. U las misschien de brief van mijn zusje van enkele dagen geleden. Aangezien ik na de feesten op vakantie ga naar Kroatië en dus de benefietavond in Mortsel mis, besliste ik gisteren à la minute om een kleine actie te houden.

De 24 uren voordien had ik toevallig 2 keer hetzelfde cadeau gekregen: een setje poëziemagneten voor op de ijskast/koelkast (schrappen naar eigen tongval). Van m'n ventje én van een stel andere ventjes (vriendjes van dat ene ventje), die hier gedurende een paar dagen massaal mijn Belgische kelder beslapen.

Vorig jaar zagen ze me enkele uren voor het optreden lustig knippen en plakken, gisteren ging ik naarstig op zoek naar verplaatsbare voorwerpen waarop de magneetjes bleven kleven. Ik vond twee metalen plateaus/dienbladen, goot een dominodoosje leeg, haalde de magneetjes uit elkaar, zocht een Guatemalteekse portemonnee en sprong de fiets op. Voor elke zinnige zin (van minstens vijf woorden) die het publiek wist samen te stellen beloofde ik vijf euro te storten voor Carlos' reis. Dit is het resultaat. Wat volgens mezelf vijf euro waard is, heb ik aangeduid met een kruisje. Indien u er echt anders over denkt, let me know. Ik maak overmorgen een overschrijving. Foto's van eigen koelkastcreaties zijn per mail ook welkom én vijf euro waard.

eeuwig samen
het gaat een enorm tellen meisje
nacht
x het dronken rood deed het lichaam geen goed
rammen schenk maar spuit
x ik voel als ik herinner en val als leugen
pracht
x mijn haar is maar schijn
diamant die is / schoonheid te waar / vloed van zang / moeder ten drang
x zich willen heffen als ijzer te zee / is zien
prins houd prins als chocolade en honing (auch, wat doen we daarmee?)
x droom zou kunnen uitbroeden / wegzwemmen
voel je lenteblik van me honing
zeg schaduw is kwijl onder rots
x de blunder laten gaan
bitter als melk
verdriet pop lief voor mis jouw kus muziek
x de tocht na hel is mistig zwart
x en zomer toon onze arme hoofdmannen
wat meer zin voor schaamte en wet al hun moord
lust met bloem
x hij stoot een kussen vol lucht

Voorlopig kom ik aan een bedrag van 45 euro. Ben ik te streng geweest in mijn jurering?

vrijdag 10 juli 2009

Gentse Feesten

Een virale infectie verstopt alle kanalen in mijn hoofd, waaronder ook het niet te lokaliseren schrijfkanaal. In hoop op betere tijden geef ik jullie alvast mee waar ik op de Gentse Feesten zeker te vinden zal zijn...

zaterdag 18 juli: optreden in Los Perros Calientes (Goudstraat 2), bij de Wolven van La Mancha, die vorig jaar bewezen een erg fijn gastcollectief te zijn. Voor die avond schrijf ik stiekem nog een ode die geen ode mag zijn. 18 juli is niet enkel een speciale dag omdat het de startdag is van de Feesten...

zondag 19 juli: Kluger Hans verzorgt een avond op het tiendaagse poëziefestival Ghent-in-cap, in de Maagdestraat, Gent uiteraard.

woensdag 22 juli: Collectief Balein verzorgt een avond op hetzelfde festival. Inzendingen hiervoor zijn nog steeds welkom.

donderdag 23 juli: Opnieuw optreden in Los Perros Calientes, dit keer zonder stiekeme ode. De kern van de zaak blijft desalniettemin hetzelfde: poëzie met en zonder grote P.

woensdag 29 april 2009

Poëzie op bestelling en Balein te Water II


Ik slaap met een kat en berijd op regelmatige basis de rug van een paard en een walvis. Kluger Hans' hoeven trappelen van ongeduld: het tweede nummer krijgt stilaan vorm.

Balein bruist zo mogelijk nog meer. U kan u ons de komende week twee keer aan het werk zien!

Op zaterdag 2 mei vieren we het eenjarig bestaan van café De Loge. We zullen er vanaf 16u. poëzie op bestelling brengen. U hoort het goed: u vraagt, wij praten. In een romantische tête-à-tête met één de Baleinen nog wel!

Op donderdag 7 mei stranden we in koffiehuis Trafiek aan, voor een tweede Balein te Water. De gastdichter is deze keer Wouter Steyaert, de andere namen vindt u op onze facebookgroep en binnenkort ook op onze blog. We starten rond half negen en zoeken nog vrijwilligers om wijn en bier te schenken. Hoe sympathiek Trafiek ook is, het blijft een koffiehuis... Indien u over een warm hart en tappershanden beschikt, graag een mailtje naar collectiefbaleinATgmailDOTcom.

Wees welkom!

woensdag 21 januari 2009

Dichters op het spoor

Beste reiziger

Graag uw aandacht voor het volgende bericht. Met enige vertraging kondig ik ‘Dichters op het Spoor’ aan. Op een route tussen Oost- en West-Vlaanderen brengen 27 dichters en 1 muzikante u lieve klanken en verontrustende woorden, of omgekeerd. Enkele dagen voor Gedichtendag trekt deze meute spoorslags naar de stations van Brugge, Gent, Kortrijk en Izegem. Een draaikolk van poëziegeweld zal op zaterdag 24 januari deze stations (on)veilig maken.

Ook Balein doet collectief een kunstje. Om 15u. zijn vier van de zes walvissen (Wouter, Bram, Dirk en ikzelf) terug te vinden in het station Gent Sint-Pieters en dit in het gezelschap van dichters Tine Moniek, Lies Van Gasse, Arne Deprez, Herlinda Vekemans en accordeoniste Veerle Tieghem. Voor meer info klikt u best door naar onze collectieve blog.

Vroeger die dag, om 13u., breng ik een kleine, verteerbare dosis van eigen werk in het station van Brugge. Dit keer zijn naast Veerle Tieghem ook Xavier Roelens, Frank Decerf, Paul Rigolle, Gilbert Coghe, David Troch, Albrecht b Doemlicht en organisator Toon Vanlaere erbij.

’s Avonds komen u alle dichters samen in het praatcafé ‘In de oude Sint-Pieter’ in Izegem. Vanaf 18u.45 start het goedgevulde avondprogramma. De uiterst charmante Olaf Risee neemt de presentatie voor zijn rekening.

Er staat vanavond nog een andere schrijfactiviteit op het programma. Bovendien hebben we reeds te veel vertraging opgelopen om u alle locaties en tijdstippen mee te delen, maar via de blog van Sylvie Marie kan u doorklikken naar de poëet van uw keuze.

Graag tot dan !
Marie

zondag 31 augustus 2008

Oproep aan dichters en kunstenaars: Dirty Mind

Hij komt weer langs op Huiverinkt, mijn favoriete purperen dwerg. En niet om even te bewijzen dat ondergetekende ondanks de lay-out van deze blog de funk van Prince prefereert boven alles wat eenzijdig donker en gothic klinkt. Neen.

Ik zal het kort houden. Lees dit eens. Het leek me onmogelijk, een dichter te vinden die naast een groot talent ook een zwak heeft voor Prince. Maar hij bestaat en heet Martijn Benders. Dat deze man een ijzersterk debuut de wereld instuurde, kan u binnenkort ook hier nalezen in mijn eerste echte poëzierecensie. Voorlopig trekt u het best naar de dichtstbijzijnde boekhandel en schaft u zich de bundel 'Karavanserai' aan.

Maar dat laatste geheel terzijde, alvast in deze post. Vindt u Dirty Mind een inspirerende plaat en denkt u over enig bovenmaats literair of ander talent te beschikken? Dan klikt u, nogmaals, hier (of hier).

zondag 3 augustus 2008

Schrijfworkshop voor gevorderde proefkonijnen

Buiten zijn er straatfeesten en een rommelmarkt aan de gang. De bewoners van de visstraten in Gent doen op dit moment hun uiterste best om hun kraampje droog te houden. Erg veel zin om naar buiten te gaan heb ik niet. In dit huis ontbreken geen strips of kandelaars. Ze zijn eenvoudigweg niet nodig. ‘Gloria’ schalt uit de boxen en ik vervloek nogmaals de regen. Ik wil nog even zon.

Regent het vandaag expres? Opdat ik in mijn huisje blijf en schrijf over de tweedaagse schrijfworkshop die Xavier Roelens de voorbije twee dagen in het Poëziecentrum in Gent organiseerde. ‘Schrijfworkshop voor gevorderde proefkonijnen’ prijkt bovenaan op het evaluatieformulier, dat ik daarnet meteen invulde. Anders komt het er nooit meer van. Dat is het zwaard van Damokles dat boven mijn schrijven hangt. Inkt moet op tijd gebruikt worden, want oude inkt verliest haar huiver.

Daarom besloot ik om deel te nemen aan een schrijfworkshop. Om simpelweg gedwongen te worden om twee dagen heel intensief te schrijven. Dat is alvast goed gelukt: we haalden zo’n zeven uur per dag inspiratie op, goten die inspiratie in een pasvorm, luisterden, lazen, schaafden bij, schreven opnieuw. En op het einde was er wijn en bier om dit alles door te spoelen. We sloten af in ‘het Volkshuis’ in Gent. Het perfecte café voor schrijvers met een zwak voor Vlaamse verhalen. Werkelijk alle Gentse drama’s lijken daar hun begin of einde te kennen.

De reden om deel te nemen was niet enkel het schrijven zelf. Dat ik over een bovengemiddeld talent voor het hanteren van het klavier en de pen beschik, is wat mij betreft al een tijdje duidelijk. Maar dat dit talent nog steeds op zoek is naar een serie gepaste keurslijven waaruit ik af en toe rebellerend breken kan, is evengoed zo klaar als water. Ik geloofde niet dat in een tweedaagse workshop meteen de vinger op de wonde gelegd kan worden. Dit ongeloof is niet honderdtachtig graden gedraaid, al was de analyse van mijn teksten door Xavier behoorlijk gefundeerd. Ook Begga, een jeugdboekenschrijfster die als enige mijn vooraf geschreven teksten beoordeelde, duidde aan wat ik op voorhand reeds aanvoelde, maar zelf niet goed onder woorden kan brengen, laat staan zomaar veranderen. Qua persoonlijke kritiek zat het dus meer dan goed.

De derde reden om me in te schrijven, was om te luisteren. Naar anderen, die eveneens over een bovengemiddeld talent voor de pen beschikken en vaak heel wat meer pluimen op hun palamares hebben staan. Xavier beschikt naast een algemene passie over de poëzie over een eigen bundel. Olaf Risee deelt dit enthousiasme en is redacteur van In Letterland. Bovendien schreef hij de mooiste zin tijdens de workshop. Ik zal hem niet verklappen, hopelijk doet hij dat zelf ooit. Begga bracht bij Clavis het boek ‘Blauwe Matrozen’ uit. Anna Vandesompele trad reeds op ‘De Nachten’ op en vindt steeds eenvoudige, mooie woorden voor wat ik veel te complex tracht neer te schrijven. En dan had je de architect Arnoud Rigter en Lies Van Gasse, beiden begiftigd met een hele reeks talenten. Ann Van Dessel schrijft het liefst voor zichzelf maar beschikt over een prachtige stem en uit haar pen kruimelden soms heel mooie woorden. De Turkse Yildiz gaat speels om met een taal die niet haar eerste is. En dan had je nog Bart en Jan; twee jongemannen waarmee ik minder praatte, maar naar wie ik evenzeer aandachtig luisterde. Ik stond vaak versteld van het algemene niveau. Al hadden we allemaal een andere stijl, elk individu beschikte over de kunst om taal los te weken van het algemeen gangbare.

Ik sta tegenover veel zaken skeptisch. Deze schrijfworkshop, Barack Obama, een pak melk dat al vijf dagen geopend is, een nieuw lief. Wat verstand en aangescherpte zintuigen helpen meestal wel om tot een conclusie te komen. In dit geval is het eindoordeel uitermate positief. Sorry dat dit verslag alweer nergens naartoe leidt. Wijt het aan de vermoeidheid, aan ‘het Volkshuis’, aan het feit dat ik twee dagen heel veel geschreven heb. En onthoud dat ik het inspirerend vond. Dat ik heel leuke mensen heb leren kennen. Dat ik Xavier ook via deze weg nogmaals wil bedanken. x

dinsdag 29 juli 2008

Impressies voordrachten Los Perros Calientes

'Schrijft ge morgen ne keer neer hoe het hier was?' Het werd me gisteren, op de laatste dag van de Gentse Feesten en na mijn tweede voordracht in Los Perros Calientes, zeker drie keer gevraagd. Daartoe zal ik met een houten kop en om zeven uur 's avond net één uur wakker, een poging doen. Stilistische salto's en emotionele herkenbaarheid hoeft u niet te verwachten. Maar er moet terug leven komen op deze blog. Enfin, niets moet, maar het zou wel leuk zijn.

De Gentse Feesten zijn een periode waarin ik al jarenlang geen letter op papier krijg. Echt rouwig ben ik daar niet om. Toch was het heel fijn om dit jaar twee voordrachten te kunnen doen. De Wolven van La Mancha hebben waarlijk hun best gedaan. De ontvangst was hartelijk en gemoedelijk, de pintjes goedkoop en ik mocht twee keer een voltallig, aandachtig én kritisch luisterpubliek meemaken. Dat is zeldzaam. 'Desda' in Leuven was ook een leuke plek om wat gedichten rond te strooien, maar toen vocht ik tegen koorts. Nu vocht ik tegen een kater, maar werd in dit gevecht vergezeld door warme honden en klauwende wolven. De afgelopen week werd mij een podium geboden waar ik de kans kreeg dingen te proberen die bleken te werken en die ik uitbouwen wil. Fijn is dat.

Daarom wil ik hier even mijn poëtisch naamgenootje Marie Follebout bedanken. Leve de omgekeerde sprookjes, de angstaanjagende vrouwen. En ook een dikke merci aan Bobadas, voor zijn enthousiaste voordracht, voor zijn enthousiasme tout court, en voor de frietjes met mayonaise gisterenavond. Wat had ik een honger ! Bedankt ook aan Seth, de meest ingetogene van de drie, die liever het café versierde met zijn teksten dan op het podium te klauteren. Leve de muis in de ooghoek.

En nu we toch zeer melig bezig zijn... bedankt ook aan al mijn vrienden, die vrijdag- en gisterenavond wel de weg naar mijn optreden konden vinden. Een extra bedankt aan zij die het twee keer zagen en aanstipten wat beter of slechter was. Bedankt Blaise, Francis K., Joerilief. Zachte kusjes op de lippen van al mijn mooie vriendinnen, een knipoog naar de vrienden. Het was ook fantastisch om voor het eerst een paar ex-leerlingen tussen het publiek te ontwaren. 'Werk aan die lichaamstaal, mevrouw !'

En niet te vergeten: cheers to the Dutchmen. Jullie vormden een stel mooie keldergasten, die me 's morgens meteen op een bescheiden maar verscheiden portie mannelijk naakt trakteerden. (Dat doet de dichtersogen goed.) Kan me zich een betere schare luisteraars dromen? Niemand vertelde nadien meer over eigen angsten en verlangens. Wat weer voer schenkt voor nieuwe verhalen.

Dit weekend neem ik deel aan een schrijfcursus van Xavier Roelens, wat later trek ik naar Theater aan Zee. Tussendoor hoop ik deze blog wat nieuw leven in te blablablazen.

Bedankt en kom hier dak u ne kus geef.

... x

ps Niet te vergeten: een extra merci aan Dirk Vekemans. Ik genoot nogmaals van je ongeplande optreden en het was leuk om pinten en Irish coffees met je te drinken in het feestgedruis. Er bestaat maar één remedie tegen poëzie: wegspoelen !

maandag 21 juli 2008

Nieuwe kop

'Huiverinkt' kreeg een nieuwe kop. Mijn eerste en laatste Photoshop-poging werd slechter met de dag, geef toe. Dus maakte Joeri van ttwwoo (en ook een beetje van mij) een nieuw plaatje.

Nog één lezersvraag. Moet de titel terug?

zondag 20 juli 2008

Poëzievoordracht op de Gentse Feesten




Ik ben terug in het land. Voor een ingeweken Antwerpse die al negen jaar ontzettend graag in Gent woont, zijn deze tien dagen niet de meest geschikte om mijn Siciliaanse en andere indrukken neer te pennen. De tijd die me rest tussen het uitslapen van de ene roes en het opwekken van de volgende, gebruik ik vooral om goede voornemens te maken en twee voordrachten in Los Perros Calientes voor te bereiden. Ik geef u alvast virtueel de flyers mee.

En ook nog dit: misschien doe ik nog wel eens iets samen met mijn vaste inktbroeder, Dirk Elst. Niet alle namen op de affiche zijn me bekend, maar ik heb zo'n vermoeden dat ook Xavier Roelens een fijne voordracht zal verzorgen.

dinsdag 20 mei 2008

Nieuwtjes

1. Buidelpraat evolueert ! Sinds kort kan u voor uw geliefde of gevreesde medemens een gedicht samenstellen met de poëtische regels op de site. Klik daarvoor op het hartje bovenaan. Je kan ook de regels naar de door jouw gewenste plaats verslepen. De rest wijst zichzelf wel uit, hoop ik.

2. Nu zaterdag 24 mei doe ik mee aan een auditie in Los Perros Calientes, Goudstraat, Gent. En update: ik heb net het bericht gekregen dat het om een heuse 'besloten auditie' gaat. Veel meer dan duimen kan u dus niet doen. Ik krijg er in het beste geval een praatplek tijdens de Gentse Feesten mee. De audities worden overigens georganiseerd door het Gentse collectief 'de wolven van La Mancha'. Dat is voor alle duidelijkheid niet het collectief waarbij ik me vervoegde. Over dit laatste volgt binnenkort vast meer nieuws, als we alle ideetjes wat meer gebundeld en gestroomlijnd hebben.

3. Op 14 juni sta ik opnieuw op een Gents podium. Hiervoor maakte ttwwoo een affiche. Die ziet er zo uit:

woensdag 7 mei 2008

Buidelpraat

Ik wil eventjes een beetje ruchtbaarheid geven aan het volgende... Joost, een vriend van mij, startte een tijdje terug 'Buidelpraat' op. Hij en ik kunnen inloggen, en plaatsen af en toe een zin. Jullie kunnen stemmen en commentaar leveren. Onderaan verschijnt zo een nieuw 'gedicht', dat bepaald wordt door de populariteit van de afzonderlijke zinnen.

Dit project is nog maar in z'n proeffase en wordt binnenkort waarschijnlijk een beetje complexer. Maar er zijn dus al zinnetjes ! Stemmen dus...

Rechts vind je een link.

Groetjes
Marie

ps Even geen gedichten, wel terrassen...
pps Sinds 13 mei doet ook Maarten Inghels mee...

vrijdag 11 april 2008

Zonder titel en met Dirk

Op een strand van glas ligt een boot om de hoek
die verzonnen blijkt. We trappen hielen open
Hier valt geen krab meer te bespeuren
of graven cirkels zich in ‘t zand.

Een hoos graait zeilen
en wervel
windt

zich
op

waait
weer over
over onze hoofden.

Lijnen treiteren ons vel.
In afwachting blazen we beelden
naar de aarde. Ontglipt zout ons radeloos
en breken golven. Nooit geweten waardoor.

Populaire berichten