zondag 8 april 2012

Netwerkstoring

‘Heb jij mijn sms gekregen?’
‘Nee. Jij de mijne?’
‘Nee.’


Vierentwintig uur lang heeft een overijverige dj aan alle knoppen in mijn ziel gedraaid. Hij sloeg dat liedje over, zette een ander irritant lang op repeat, liet de ene herinnering in de andere faden en speelde als een kind met de volumeknop. Soms stond de muziek zo luid dat ik niets meer kon horen. Vermoeiend. Na een korte nacht vol wilde, heldere dromen werd ik wakker met het gevoel dat ik op een kruispunt sta. Dat gevoel overvalt me de laatste maanden vaker. Om de reis zo fijn mogelijk te maken, moet je goed om je heen kijken op zo'n knooppunt en voelen hoe het met je vermoeide voeten gesteld is. Is het tijd om te rusten of verder te gaan? Is er in dit onherbergzaam gebied nog een oude kennis die je op moet zoeken om bij een glas whisky een herinnering op te rakelen? Of is er niet meer nodig dan een simpel gebaar, een kus op de rimpels naast ogen, een slok uit de fles water die je op je rug meedraagt?

Maar in deze wereld is er geen echt kruispunt. Vooralsnog is er ook geen kampvuur in de buurt waar je een verward hart kan laten zwijgen. De zee ligt binnen handbereik, maar luisteren doen we aan de telefoon en niet door schelpen aan onze oren te leggen. Op zo’n knooppunt van roerselen stuur je dus sms’jes naar elkaar. De mijne waren kort. En voor mijn gevoel loepzuiver. Ik kreeg op geen enkel sms’je een antwoord. Misschien lagen de antwoorden niet binnen handbereik. Lopen de anderen, voor wie ze bestemd waren, in een geluidsdichte tunnel van glas. Of in een nauwe gang onder de grond, waar de muren al barsten vertonen maar er toch geen bereik is.

Misschien is de stilte geheel te wijten aan een stomme netwerkstoring. En worden de vogels misselijk van alle onverwerkte emoties die ze hoog in de bomen op hun bladerdak krijgen. Ik zal voor de zekerheid de ramen openzetten. Wie weet komt er straks een postduif aangewaaid. Met een brief in haar bek. Of een lucifer om een vuur aan te steken. Laat je telefoon thuis, als je me straks door de vlammen aankijkt.

vrijdag 6 april 2012

lapkus

Weet je het nog, de woorden? Hoe de tong ervan in brand stond en hoe we ze toch niet over onze lippen kregen. En de geluiden rondom ons, het gestommel op de trap, een hart dat halt hield, de afkeuring, het geblaat en de taal die ik weerlegde in een verkrampte poging alles stil te leggen. Hoe ik schreef en schreef, nooit eerder zo veel. En hoe streng jij was voor mijn woorden. ‘Je schrijft als een engel.’ Ik geloofde je nooit. Niet je woorden.

hoe jij nooit hoofdletters gebruikte. en daardoor alles kleiner werd. het kruisje onderaan, de lapkus die je gaf. je laatste ging over lengte, betweterig brak ik je af maar je deed alsof je me niet hoorde. het is goed. laat het de lente zijn.

Het heeft geen intriganten nodig. En wat het was is, staat ook niet hier. 'Neem mijn hand en leid me door de gangen.' Bijzonder, hoe het zelfs uitgesproken mierzoet proeft. Dank voor de zachte slaap. Dank voor de kleine, lieve letter die ik weer even bij jou werd.

m.

dinsdag 3 april 2012

De Vier Inzichten en nazicollaborateurs

Door de emotionele stormen in mijn leven zoek ik voor het eerst soelaas in spiritualiteit voor proefkonijnen. En dat nadat ik de boeken van James Redfield en Paulo Coelho eerder in mijn leven geërgerd in de hoek van de kamer gooide. Het kan verkeren. Naar aanleiding van een virtueel gesprek gisteren ging ik de uitdaging aan om een week lang deze vier inzichten toe te passen. Een hele klus in een periode waarin ik me afvraag hoe veel tranen er uit één vrouwenlijfje kunnen komen en de mijn ruggengraat flink op duurzame weerbaarheid getest wordt. Met de eigenliefde en vriendschap met vrouwen zit het ondertussen behoorlijk goed, gelukkig maar. Dat maakt deze periode me duidelijk. En daar ben ik erg dankbaar voor.

Toen ik vandaag na een nacht van drie uur slaap - de kat met het olifantengeheugen was er schuimbekkend van overtuigd dat er een muis onder het nachtkastje zat - met mijn fiets in een rij van naalden reed, heb ik flink op mijn tong gebeten. Het eerste inzicht is immers: 'wees onberispelijk in je woorden'. Dit werd niet veel later nog eens op de proef gesteld toen een collega kritiek leverde waarin ik me erg goed kon vinden. Ik bleef stiller dan anders. Greep geen kruimeltje waarheid aan om er mijn eigen frustraties aan toe te voegen. Of slechts een klein kruimeltje, als ik helemaal eerlijk ben.

'Vat niets persoonlijk op' is het tweede inzicht. Dat vind ik minder moeilijk. Ik weet, na eerder in mijn leven behoorlijke stormen te hebben overleefd, best goed wie ik ben, waar ik naartoe wil en wat anderen aan mijn liefde hebben. Dat betekent dat ik ook vrij snel het onderscheid weet te maken tussen verwijten waarmee ik aan de slag wil gaan en verwijten die deel uitmaken van de spiegel die ik vaak voor anderen ben. Iets moeilijker blijkt het om elke schuld in onkunde om te buigen. Of om het onderscheid te maken tussen ' uitgaan van veronderstellingen', wat je volgens het derde inzicht NIET mag doen, en een sterke intuïtie volgen. Maar goed, 'we doen ons best'. En laat dat laatste meteen het vierde inzicht zijn. Oef.

Rest mij nog één hamvraag. Wat doen we met verontwaardiging? Wat doen we met het onrecht waaruit die verontwaardiging ontstaat? Met honger, oorlog, machtsmisbruik? En, zelfs als je heel erg je best doet, hoe inspireer je anderen en overtuig je hen nog beter hun best te doen? Wat ben ik met de vier inzichten als ik lees wat mijn oom eerder deze week onder de aandacht bracht van de internationale pers en het parlement? Hij ontdekte dat hoogbejaarde, Belgische nazicollaborateurs nog steeds een pensioen ontvangen van de Duitse staat. In de artikels over het onderwerp, die op korte tijd breed verspreid raakten, wordt mijn oom 'zoon van een verzetsstrijder' genoemd. Ik vraag me af hoe bewust hij deze benaming koos. Want 'zoon van een Holocaust-overlevende' zou ook correct zijn. (Voor de geïnteresseerden: hier vind je de informatieve én ontroerende grafrede die Ronald Commers ter gelegenheid van mijn grootmoeders uitvaart schreef).

Kortom: ik ga zeven dagen de uitdaging aan. Maar er resten mij veel vragen. En een erg verontwaardigd gevoel in mijn onderbuik. Dat ik verder niet persoonlijk zal nemen.

zaterdag 31 maart 2012

Rauw (voor zover)

De pijl die omkeert en de letters vreet, lijkt een stilzwijgend ritueel. Wat we samen hadden is te tastbaar voor dit blad. Een schaterlach, de gek met snor en jasje zonder mouwen. Hoe hij naar het water liep, op zijn tellen terugkeerde en zich in onze nabijheid al snel veilig voelde. (Zoals het meisje met de pop, de kat die uit alle buiken de jouwe koos, de hond op het plein mijn handen). Gek bleek hij allerminst, misschien wel net als jij en ik vooral bijzonder. Of zeg ik het verkeerd, zijn we als de vreemdeling die zomaar tussen ons in paste, een boei in onze hemelsbrede zee en stuitende gelijkenis?

Sinds je wegging, valt het me makkelijker om het slot een kwartslag te draaien. Zonder regen geen roest. Ik vergat je te vragen wat het beste werkt, met of tegen de wijzers? Vermoedelijk maakt het niet uit. Wat onthield ik nog meer? Dat ik onder die broek een string moet dragen, niet mag vloeken, mijn oren open moet houden en niet in herhaling mag vallen. Dat laatste valt me zwaar. Net als de herinnering aan hoe jij geruisloos in mij schoof.

Het is niet dat ik zonder jou nog minder weet. Al sinds de hagel op het strand – of eerder nog, de gestapelde lijven in de kuil – durf ik niets zomaar te vertrouwen. Ook voel ik niet minder. Mijn hart is boordevol, mannen lopen er in stilte de kantjes vanaf maar ook in zijn eentje blijft het kloppen. En als ik echt naar de loopgraven moet, vind ik vast wel een bondgenoot zonder hoofdpijn of fantomen in zijn borstkas.

Ik droom nooit over je. Groeten uit het land waar het brood vooralsnog voedzaam is.

woensdag 28 maart 2012

Shearwater en andere optredens


Ik ben met een kleine duiveluitdrijving bezig. Niet altijd even mooi om te zien of geschikt voor onschuldige ogen. Gelukkig zijn er ook genoeg zachte momenten en berichten uit het verre China. In tussentijd verslind ik boeken en luister ik opvallend veel naar muziek. Morgen 'Shearwater' in Bitterzoet...

Noteer één of meerdere datums gerust in uw agenda:
- 19 april: Pageturner, Pakhuis Wilhelmina, Amsterdam
- 2 en 3 juni: Zaradi Tebe, eigentijds cultuurfestival in Gent
- 23 en 24 juni: Midsummer FestiFarm, Drenthe

(En dit is mijn lentetournee, niet die van Shearwater)

Populaire berichten