zondag 14 september 2014

Brief aan Antwerpen

Dag stad, dag tstad,

Dag stad die, als ge mijn woorden en bloed moogt geloven, de mijne is, maar die ik me nooit eigen maakte en die ik vanuit rafelranden ontdek. Hier sta ik dan op een Antwerps podium. Voor den eerste keer. Hier ligde dan, aan mijn voeten. Of eigenlijk niet, ’t voelt omgekeerd: ‘t is mijn tong die zich schoorvoetend aan uw kaaien legt, ’t zijn mijn nagels die aan uw schoon station krabben, mijn eerste kraaienpootjes die lachen om dieë lagere toren van de kathedraal waar de parochie niet genoeg geld voor had. Ik zal mijn klanken niet onnatuurlijk verbuigen om me hier thuis te voelen. ‘t Kan me ni bommen of da ge mij accepteert. Ik zal gewoon mijn taal spreken en misschien zulde mij horen. Ier is ze terug, da groot laweit uit Antwaarpe. “ ‘k Heb gewacht, veel gedacht en veel gezwegen.”

Weetewa, Antwerpen, wildiswawete? Ik maak mij daar in Amsterdam flink ongerust over u. Zoals een moeder die zich zorgen maakt om die ene verdwaalde zoon die haar binnensmonds verwenst. Misschien ben ik nog nooit in uw straten verdwaald. Maar uw maan is de mijne en die maan bescheen mijn vader, mijn moeder en mijn zuster. Dus hoe onnozel het ook is, ik maak mij ongerust. Niet alleen over u natuurlijk. Maar over u wel meer dan over Gent, de stad waaraan ik mijn maagdelijkheid verloor. Over u wel meer dan over Amsterdam, de stad waar ik leerde hoe steenhard het leven is.

Wazegde? Da ge mij nooit verwenst hebt? Tuurlijk wel, da doede elke dag opnieuw. Met die malloot die het hier voor tzeggen heeft. Met die boetes die ge hier krijgt als ge al kersenpitten spuwend verzetsliederen zingt of als ge uw broodnodig bloot gat laat zien. Maar ge verwenst mij ook, en niet alleen mij, omda ge doordraait en doordraaft en uw kinderen ondertussen naar adem happen. Tuurlijk zijn d’r ook nieuwe parken en kan ik hier lekker eten. Tuurlijk heb ik hier vrienden en wordt er op geefpleinen gezocht naar nieuwe manieren om ‘t overleven. Tuurlijk zijn er ook hier kleine hoekjes waar er kleur is en vuur om nieuwe plannen te smeden. Maar beste stad, ge luistert niet goe genoeg. Naar wat de mensen hier zeggen. Ge luistert niet naar uw hart. Ge luistert nie eens naar uw eigen longen. Nochtans zijn er goeie plannen. Om de snelweg ’t overkoepelen en van tstad een echte stad te maken, een droomstad die bestaat. Een ringland, slim land, een groene stad, een moedige stad. Een stad die meer als de mijne zou voelen.

Dus stad, staat op, godverdomme! Verzin uw eigen woorden, organiseer uw eigen verweer. Vind de liefde elke dag opnieuw uit en luistert niet naar verraders of verkopers, maar naar uw eigen lijf en leed.


Liefdevolle kus van een trotse nestverlater,

Marie x


Geen opmerkingen:

Populaire berichten