Dit zijn geen
dagen om hoofdschuddend alles wat niet mocht zijn met restjes rode wijn weg te
spoelen. Dit zijn dagen om met ontbloot bovenlijf door parken te hollen en
vrouw te zijn. De benen te spreiden en heer des huizes te spelen. Om kerken te mijden, hondsdolheid te veinzen,
buiten adem op kasseien neer te zijgen. Een tijd om het vuil onder elkaars
nagels weg te bijten en te knipogen alsof het een kus was. Om met gedichten
sneeuw op de voorruit te tekenen en achteruit elkaars naam te spellen, tot de
stilte overdondert en we in dromen de vredespijp met goede voornemens roken.
Kijk: in iedere hoek vind je letters om je vrij te pleiten, in elk bed lakens
om rond je lichaam te plooien. De stapel boeken staat recht en wordt hoger. De
pen hapt naar onbeduidendheid die ertoe doet.
zaterdag 27 december 2014
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten